De 6 valkuilen

De 6 Valkuilen van het nieuwe gezin

Soms lijkt het dat misverstanden en irritaties zomaar uit de lucht komen vallen en krijg je het gevoel nauwelijks grip te hebben op je stiefgezin.
Om wat zicht te krijgen op de valkuilen is er een lijst samengesteld die ‘de 6 V’s’ wordt genoemd.

  • Verliezen
  • Verschil in bloedband en stiefband
  • Verstoorde verwachtingen
  • Verdeelde loyaliteiten
  • Verschillende opvoedingsstijlen
  • Verminderde controle

Emily en John Visher, auteurs van het boek ‘Samen op stap’ benoemden de eerste 3 valkuilen in 1988. Boukje Overgaauw, medeauteur van het boek ‘Samen gesteld’, voegt hier uit haar ervaring met stiefgezinnen nog 3 V’s aan toe. Emily en John Fischer: ‘Stepping ahead’. Vertaling Gerard van Kesteren: ‘Samen op stap’ (1999). Ietje Heybroek-Hessels, Boukje Overgaauw e.a.: ‘Samen gesteld, de dynamiek van het stiefgezin’ derde druk 2008

De 6 V’s zijn de moeiste waard om door te nemen.

1. Verliezen

Bij het overlijden van een ouder of bij echtscheiding is er een diep gevoel van verlies bij kinderen. Bij een overlijden mist het kind de overleden ouder intens. Bij een echtscheiding mist het kind de ouder die niet aanwezig is. De dagelijkse omgang met beide ouders samen is verloren gegaan.
Als gevolg van het verlies van een ouder treden er allerlei veranderingen op; er ontstaat verlies op meerdere gebieden.

Verlies van het vorige gezin,
het verlies van het kerngezin of eenoudergezin is ingrijpend voor kinderen, ze zijn hier namelijk op ‘geprogrammeerd’. Veel kinderen ervaren na een overlijden of na een scheiding de periode van het eenoudergezin als een mooie tijd doordat een ouder zich automatisch meer richt op de kinderen. Door verhuizingen, andere scholen, buurt en vrienden, minder financiën, wordt al het vertrouwde gemist.

Verlies van vanzelfsprekendheden
Bij het overlijden van de partner of ouder of bij echtscheiding kan het basisvertrouwen wankelen.
Daarnaast verandert de bioligische ouder door de komst van de nieuwe partner. De liefdesbetuigingen tussen beiden zijn nieuw en kunnen verwarrend zijn voor kinderen. Hierdoor heeft het kind dikwijls angst voor verlies van aandacht en liefde van de biologische ouder. En in zijn algemeenheid houden kinderen niet van veranderingen.

Verlies van familie en vrienden
Bij een conflictueuze echtscheiding komt het voor dat er geen of weinig contact meer zijn met voorheen vertrouwde personen, zoals: opa of oma, familieleden en vrienden van ouders. Ook na een overlijden kan er een verandering optreden binnen familie en vriendenkringen.
Dit is voor kinderen moeilijk te begrijpen.

Verlies staat niet op zichzelf, maar gaat gepaard met rouw:

  • Bij kinderen komt het gevoel van rouw weer op gang door de komst van een nieuwe partner. De nieuwe partner staat immers op de plek waar de andere ouder vroeger stond.
  • Bij echtscheiding kan bij de expartner, de andere ouder de emotionele verwerking van de scheiding soms pas beginnen met angst voor verlies van de kinderen aan het nieuwe gezin.
  • Bij kinderen waarvan de ouder overleden is, is er nog geen plek voor de nieuwe stiefouder als ze rouwen.
  • Kinderen rouwen in stukjes en uiten dit vaak door ongewenst gedrag. Zij hebben moeite met verbaliseren, ze sparen vanuit de bloedband hun ouder(s), op de stiefouder richten zich (on)bewust alle emoties.

2. Verschil bloedband en stiefband

De bloedband is gebaseerd op een instinct en bevat onvoorwaardelijke liefde in de ouder/kind en kind/ouder relatie.

  • vanuit de bloedband ziet de ouder minder de fouten van het kind
  • vanuit de bloedband heeft de ouder meer energie voor het kind
  • vanuit de bloedband verdedigt de ouder het kind heftig bij kritiek
  • vanuit de bloedband is de ouder trouw aan het kind en blij het te zien

De stiefband is een voorwaardelijke relatie, net als relaties tussen partners, vrienden en collega’s.

  • vanuit een stiefband ziet de stiefouder meer fouten van een kind
  • vanuit een stiefband is de stiefouder niet altijd net zo blij het kind te zien als de biologische ouder
  • vanuit een stiefband heeft de stiefouder meer kritiek op het kind
  • vanuit een stiefband voelt de stiefouder zich eerder afgewezen
  • een stiefband kan wel na jaren vormen aannemen die op een onvoorwaardelijke relatie lijkt.

Een stiefband is altijd een gevoelige band. Als er iets misgaat, schuilt er een gevaar genaamd: de bloedwrok

De bloedwrok ontstaat voornamelijk als de stiefouder te heftig en ontactvol kritiek uit op het kind van de partner. De kwetsing van de bloedband kan bij de ouder aanleiding zijn om vervolgend de stiefouder te kwetsen: het oerprincipe ‘oog om oog en tand om tand’ kan nieuwe partners uit elkaar drijven.

3. Verstoorde verwachtingen

Als je pas een nieuw relatie hebt, koester je romantische idealen en droom je over de ware liefde: altijd bij elkaar zijn, alles samen doen en een twee-eenheid vormen. Door de verliefdheidshormonen richt je je volledig op elkaar. De ander is geweldig en zal als een ouder voor de kinderen zorgen. Je verwacht dat met deze nieuwe partner alle dromen waar zullen worden. Maar……. dat gaat natuurlijk niet altijd op.

We noemen een paar gevolgen van deze hoge verwachtingen: frustratie, onmacht, demonisering en herbeleving van oude pijn.

Frustratie
Na een goede beginperiode ontstaan er problemen tussen de partners over de kinderen. Er blijkt weinig tijd te zijn voor de partnerrelatie doordat kinderen aandacht en tijd vragen. De kinderen zijn niet verliefd en moeten voor hun gevoel veel inleveren, daardoor vragen ze vaak extra tijd door hun gedrag.

Gevoelens van onmacht
‘Wat gebeurt hier toch’ vragen ouder en stiefouder zich af met de ervaringen van het traditionele gezin in hun hoofd.
Ze krijgen het gevoel het nooit goed te kunnen doen bij elkaar én voor de kinderen en worden steeds onzekerder.

Demonisering
Frustratie en onmacht richten zich in woede, verdriet en angst op een persoon buiten zichzelf: bijvoorbeeld op de partner, de kinderen, de expartner of de familie van de overleden partner. Deze persoon wordt gezien als de kwade persoon die alle ellende veroorzaakt.

Negatieve ervaringen uit vorige gezin of verleden
Oude pijn, kwetsingen van vroeger, pijn uit het vorige gezin en angst voor die situaties kunnen weer pijnlijk bovenkomen als de verwachtingen rond de nieuwe relatie verstoord worden.

4. Verdeelde loyaliteiten

In een nieuw samengesteld gezin krijg je al gauw te maken met verdeelde gevoelens van loyaliteit:

  • Biologische ouders zijn trouw aan hun kind(eren). Kinderen zijn trouw aan beide biologische ouders.
    De trouw van het kind aan de overleden ouder en de spullen van deze ouder kan zelfs grote vormen aannemen.
    Bovendien bestaat de ouder/kind relatie meestal al langer dan de nieuwe relatie; woordspelingen, grapjes en een gedeeld verleden geven een sterke band. Hierdoor kan de stiefouder zich een buitenstaander voelen.
  • De biologische ouder zit spagaat en raakt verscheurd als nieuwe partner en biologische kinderen tegenstrijdige dingen wensen.
    Elke keuze kan een conflict betekenen met de andere partij. Vaak zijn nieuwe regels in het stiefgezin hiertoe de aanzet.
  • Een andere vorm van loyaliteit tussen kind en ouder drukt zich in de zorg voor ‘zwakste’ ouder.
    Kinderen kiezen vaak voor de ouder die het volgens hen het moeilijkst heeft, bijv. door overspel of financiële krapte door de scheiding.
    Ook komt het voor dat kinderen geneigd zijn de kant van de verzorgende ouder te kiezen omdat ze voor hun gevoel meer afhankelijk zijn van de liefde en zorg van deze ouder.

5. Verschillende opvoedingsstijlen

Wanneer er een nieuw gezin gevormd word, is er sprake van het ‘ritsen’ van 2 verschillende opvoedingsstijlen tot 1 nieuwe. Ouder en stiefouder staan voor een fusieproces. Doorgaans duurt het 4 tot 7 jaar voor er een nieuwe manier van gezin-zijn is ontstaan.

Een valkuil kan zijn dat er onevenredig vastgehouden wordt aan de opvoedingsstijl van het vorige gezin. Deze stijl wordt door de kinderen gezien als goed en normaal, ander stijlen zijn in hun ogen gek of fout. Ook stiefouders zonder kinderen kunnen vasthouden aan de stijl van het gezin waarin ze geboren zijn.

  • Ieder gezin heeft een eigen, speciale invulling van rituelen en tradities bijv. Pasen, het vieren van verjaardagen, de zaterdagavond enzovoort en willen deze behouden.
  • Gezinnen zijn meer en minder gestructureerd. Doorgaans hecht de ene nieuwe partner meer waarde aan regels en structuur dan de andere nieuwe partner. Het kind dat wat vrijer is opgevoed kan gaan ageren tegen de nieuwe, soms strengere regels in het nieuwe gezin van ouder en stiefouder.

Tijdens het fusieproces van 2 gezinnen naar 1 gezin is communicatie en inlevingsvermogen van groot belang. Ouder en stiefouder zullen tijdens dit proces veel aandacht moeten schenken aan de verschillende wensen, er moet onderhandeld worden en er wordt daadkracht gevraagd, gericht op onderling begrip en resultaat. Kinderen hebben het nodig dat ouder/stiefouder zich inleven in de situatie van het kind, begrip tonen, rustig en duidelijk communiceren en geduld hebben.

6. Verminderde controle

Een samengesteld gezin is geen gezin met een huis, een tuin en een hek erom. Na een echtscheiding gaan en komen de kinderen in het nieuwe gezin. Dit kan zijn vanuit ouderschap, co-ouderschap of vanuit een bezoekregeling met het gezin van de andere ouder. Hierdoor worden kinderen geconfronteerd met een levensstijl in het ene gezin die verschilt van de levensstijl in het andere gezin. Ook hebben ze nogal eens verschillende plekken in de kinderrij: in het ene gezin kunnen ze de oudste zijn, in het andere gezin de een na jongste. Bovendien kan een conflictueuze houding tussen de expartners (en hun nieuwe partners) van de gezinnnen ertoe leiden dat de kinderen ertussen komen te zitten en reageren met onaangepast gedrag. Een nieuw gezin kan geen gesloten gezin zijn. Er komen invloeden binnen van veel verschillende kanten.

Invloed van de expartner via kinderen
Een overleden ouder kan via de rouw van de kinderen grote invloed hebben op het gezinsleven doordat kinderen alles van vroeger koesteren.
Na echtscheiding kan de andere ouder grote invloed hebben op emotioneel en financieel gebied, bijv. door negatieve verhalen over de stiefouder en ouder of door een hoge alimentatiedruk.

Invloed van familie na overlijden.
De familie van de overleden ouder kan het nieuwe gezin beïnvloeden door nauwlettend toezicht te houden op de opvoeding en het welzijn van de kinderen. Te veel kritiek vanuit de familie op de nieuwe partner/stiefouder kan de ontwikkeling van het nieuwe gezin vertragen als de kinderen in de familieschoot buiten het gezin bescherming vinden.

Een nieuw samengesteld gezin/stiefgezin kan geen traditioneel gezin/kerngezin worden. Er is altijd spraken van doorlaatbare grenzen naar minstens 2 gezinnen toe. Hierdoor hebben ouders minder grip op het gezin. Dit kan erg verwarrend zijn en een gevoel van onveiligheid geven. Hierdoor kunnen stress en irritaties ontstaan.

Houd als nieuwe partners elkaar vast en wordt een opvoedteam waarmee je de kinderen in je eigen gezin vastigheid kunt geven.
Heb geduld en weet dat het tijd kost om hier met z’n allen aan te wennen.